adventmedia knop ned bijbelstudiesite buton

Moed in Nederlandread in englishdare to be different

30 december 2019, door Ingrid Wijngaarde
(oorspronkelijk gepubliceerd op Fulcrum7)

Nu vraag ik slechts één ding van jullie, mijn direbare broeders en zusters: Gedenk alstublieft het Landelijk Bestuur van onze unie in uw gebeden? Het vrouweninzegeningsconflict heeft veel van onze energie geëist.

Zondag 8 december 2019 heeft Landelijk Bestuur (LB) van de Nederlandse Unie van Gemeenten Conferentie vergaderd. Inzegening van vrouwen in de functie van predikant stond op de agenda.

Op 18 december zond het LB een brief naar de plaatselijke gemeenten, over de aanstelling van de nieuwe landelijke penningmeester, de stand van zaken over de uitvoering van de maatregelen die genomen werden op het reguliere uniecongres van 2017 en de inzegening van vrouwen tot predikant. De brief is gepost op de besloten Facebook-pagina Afgevaardigden NUChC.

De brief van de voorzitter benadrukt dat het LB geen besluit over vrouweninzegening heeft genomen. Hij schrijft: "Concreet betekent dit dat het LB de beleidsbepalingen van de kerkelijke organisatie naleeft, tenzij er in de toekomst anders wordt besloten." Deze moedige verklaring brengt duidelijkheid in de huidige situatie. Ondertussen blijven sommige gepensioneerden het vuur opstoken; ze proberen de voorstanders van vrouweninzening ertoe te leiden om te denken dat ze 'administratieve, academische en theologische vrijheid' hebben voor de praktijk van vrouweninzegening, LGBTQ-vraagstukken, enzovoort.

De voorgeschiedenis
Lezers moeten begrijpen dat de wereldwijde escalatie van het vrouweninzegeningsvraagstuk deels een Nederlandse Ziekte was. Het waren de voormalige Nederlandse unievoorzitter Wim Altink, samen met Dan Jackson (Noord Amerikaanse Divisie-voorzitter) en Bertil Wiklander (voormalig Trans-Europese Divisie-voorzitter) die op de Najaarsvergadering 2011 van de Generale Conferentie, met hun variantie-voorstel, een bom plantten onder de structuur van de wereldkerk. Op de Generale Conferentie-vergadering 2010 waren zij onder degenen die verzochten de theologische basis van vrouweninzegening tot predikant (‘ordination to pastoral ministry’ in tegenstelling tot ‘commissioned’) opnieuw te onderzoeken. Hun verzoek leidde tot de oprichting van de theologie van ordinatie studiecommissie (TOSC). Toch kozen ze ervoor om niet te wachten op de uitkomst van die studie, maar om niet-inzegenen van vrouwen tot predikant op vele fronten tegelijk aan te vallen.

Wim Altink keerde terug van de Najaarsvergadering 2012, waar een grote meerderheid van de wereldleiders (meer dan 91%) tegen eigenmachtige acties heeft gestemd. Hij opende de weg voor een vijandige actie om een anonieme motie met veel emoties voor te leggen, zodat de meerderheid van de Nederlandse afgevaardigden tijdens het uniecongres enkele weken later dacht dat ze de onafhankelijke autoriteit hadden om voor vrouweninzegening te stemmen. Die motie werd door de (illegale) achterkamertjes beleidscommissie bewerkt. Toen het op de vloer terugkeerde, kwam het onveranderbaar, compleet met dubbelzinnige bewoordingen.

De formulering was, "zo snel mogelijk, maar uiterlijk zes maanden na de volgende sessie van de GC (2015) ...". De verklaring van de voorzitter van de beleidscommissie was dat de afgevaardigden moeten begrijpen, "zo snel mogelijk en uiterlijk zes maanden na GC-sessie 2015".

Ik heb de afgevaardigden op de dubbelzinnige bewoordingen gewezen, maar de ordebewaker van de vergadering oordeelde dat wijziging van de vijandige motie "vijandig" zou zijn. Aangezien de unie niet gewend was om onder vaste vergaderregels bijeen te komen, en ik al vijf jaar tegen die willekeur had gestreden, besloot ik het uniecongres die dag te verlaten en het algemeen kerkbestuur over te laten aan hun eigen overleggingen en spelletjes. Men hield zich slechts bezig met het muilkorven van afgevaaridgden en zich inspannen om zichzelf bestuursmandaat te verzekeren.

De volgende dag, beseffend dat de situatie onder zijn supervisie had plaatsgevonden, probeerde Bertil Wiklander aan enige schadeherstel te doen. Wim Altink erkende publiekelijk dat hij heel goed besefte dat de Nederlandse Unie zich in een lastige positie zou plaatsen ten opzichte van de wereldkerk als de unie het besluit voor GC 2015 invoerde. Hij verklaarde dat het de bedoeling was te wachten tot "uiterlijk zes maanden ná GC-sessie 2015". Misschien heeft hij onvoldoende beseft welke hard-liners in zijn bestuur waren benoemd - die volledig bereid waren om alles te doen wat nodig is om hun ‘doelstelling van gelijkheid’ te bereiken. Dat Wim Altink de zaak niet in de hand had, zou snel duidelijk worden.

Het uniebestuur besloot in mei 2013 (zes maanden later) om de motie in te voeren, met het argument dat haar handen gebonden waren door de opdracht van "het kiescollege van afgevaardigden, de hoogste autoriteit van de Nederlandse kerk". Ik heb beroep aangetekend tegen het besluit van het uniebestuur, en protesteerde dat de beroepscommissie bestond uit dezelfde mannen die een belangrijke rol hebben gespeeld op de zitting van de 2012. Bertil Wiklander schreef me een e-mail waarin hij aanzegde Wim Altink ter verantwoording te zullen roepen, maar dat gebeurde niet (althans niet publiekelijk). Spoedig daarna nam Wiklander ontslag. De (toenmalige) secretaris van de Unie vertelde me persoonlijk: "We weten dat we beloofd hadden te wachten, maar we hebben ons aan de letterlijke tekst van de motie gehouden." Mijn conclusie is dat de hele reeks gebeurtenissen met voorbedachte rade was.

Zakelijke onderneming voor gelijkheid
De volgende stap kwam in 2014. Het algemeen kerkbestuur besloot de kerk om te vormen tot een zakelijke entiteit, door de statuten voor de juridische rechtspersoon Vereniging aan afgevaardigden voor te leggen. Dit zou de juridische status van de Nederlandse ZDA-kerk naar Nederlands recht veranderen en de scheiding tussen kerk en staat onmogelijk maken. Als deze verandering tot stand was gebracht, zou de Nederlandse unie gedwongen zijn zich te houden aan de staatsvoorschriften inzake gendergelijkheid.

Na enkele jaren werkzaam te zijn geweest als beleidsmaker voor de Nederlandse regering en ik het Adventistische kerkbeleid (Working Policy, WP) bijna uit mijn hoofd kende, was ik waarschijnlijk een van de weinigen die het gevaar van deze heimelijke actie begreep. Ik begon de dringende uitdagingen te begrijpen waarmee we geconfronteerd zouden worden en meer inzicht te krijgen in waarop de hemel mij de voorgaande zeven jaar had voorbereid.

Na veel communicatie met de secretaris van de Unie ben ik in de bibliotheek van de Groningse universiteitsfaculteit Rechten gaan graven om de feiten te documenteren. Ik heb een laatste poging gedaan om de afgevaardigden en het algemeen kerkbestuur ervan te overtuigen dat het een ramp zou zijn voor de kerk om haar juridische status te veranderen. Ik deelde mijn materiaal met een hoogleraar Kerkrecht en die bevestigde mijn conclusies. Vijftien prominente afgevaardigden zagen het gevaar ook en besloten om het onderzoeksverslag mede te ondertekenen en we hebben het uniebestuur gesmeed om ons niet op ons woord te geloven, maar contact op te nemen met de professor.

Die vertelde hen, dat de verzakelijking van de kerk het einde zou zijn van de kerk-status van de ZDA-kerk in Nederland, en dat het ook de speciale status van de predikanten zou beïnvloeden ze zouden bijvoorbeeld moeten voldoen aan het normale arbeidsrecht, zonder speciale belastingvoordelen. Nastreven van gelijkheid leek verleidelijk, maar zou negatieve gevolgen hebben. Niettemin bleef de secretaris van de unie werken aan een voorstel dat de afgevaardigden de statuten van de kerk zouden veranderen.

Toen kwam God tussenbeide. De afgevaardigden van het speciale uniecongres kwamen niet opdagen. Er was geen quorum om de vergadering te beginnen. Sommigen stelden voor om quorum te negeren, maar de TED-secretaris overtuigde hen ervan dat het doorgaan zonder quorum de herziening van de statuten op grond van het Nederlands recht voor altijd betwistbaar zou maken. Dit zou toeveoegen aan de explosieve situatie in de unie.

In 2016 heeft het algemeen bestuur het opnieuw geprobeerd, maar omdat het niet tijdig bericht van de zitting heeft verzonden, hebben zij de statuten opnieuw overtreden. Die vergadering is toen ook geannuleerd.

Ledenmanifest
De Generale Conferentie van 2015 opende velen de ogen. De flagrante schending van het kerkelijk beleid, samen met manipulatie en opzettelijke verkeerde informatie die aan de mensen werd gegeven, hadden een effect. Na veel gebed begon ik met het opstellen van een manifest. Tegen die tijd was ik uitgeput. Ik wist niet zo goed wat ik moest doen. Gebeden van veel leden leken niet te helpen.

Ik vertelde de Heer: "Als U wilt dat ik iets doe, moet U iemand sturen om me te helpen, omdat ik niet zeker weet wat ik moet doen." De volgende dag belde een jonge broeder, Daniel Klop, me op en zei: "Ingrid, laten we het dit keer samendoen." Al gauw werd het leidersteam uitgebreid met Colvin Overdiep en Benito Wijngaarde. Dit team zorgde ervoor dat de communicatie met het uniebestuur hoffelijk en eenduidig bleef en dat de ledenbeweging met één mond sprak. 

We hebben publiekelijk opgeroepen tot een ledenvergadering op 30 augustus om de ontstane situatie te bespreken. Twee-en-tachtig leden kwamen uit het hele land, en unaniem hebben we besloten om een Ledenmanifest op te stellen waarmee wij een speciaal uniecongres konden eisen waarop het uniebestuur verantwoording zou moeten afleggen. De oude Statuten voorzagen dat 500 individuele leden zo een speciale bijeenkomst konden aanvragen. Uiteindelijk zetten binnen 1,5 maand meer dan 800 leden hun handtekening - bijna 1/3 van de personenvan het gemiddeld aantal personen, die de kerk op sabbat bezoeken, en we konden het verzoek op 11 oktober 2015 per aangetekende post aan het uniebestuur overhandigen.

We hadden vanaf het begin besloten om dit te doen met alle goddelijke hoffelijkheid en transparant te zijn jegens het uniebestuur en de lokale kerkbesturen. Meteen op 2 September 2015 ontving de secretaris van de unie een e-mail met een vooraankondiging van het manifest. Dat hebben de 82-leden tijdens de bijeenkomst geëist"We willen zo transparant mogelijk met de Unie communiceren; we willen het op Gods manier doen, zodat het gezegend wordt, omdat we elkaars broeders en zusters zijn en zullen blijven". Deze hoffelijkheid werd gedurende het hele proces gehandhaafd. We probeerden alle politiek en manipulatie te vermijden, en voorzichtig te zijn als slangen en onberispelijk als duiven.

De 82 leden die als ambassadeurs hebben gehandeld om de handtekeningen te verzamelen, werden niet met dezelfde hoffelijkheid bejegend. Ze kwamen veel tegenstand, vijandigheid en dreiging tegen. We waren niet verrast. We wisten dat de schapen bij de wolven sliepen. We besloten om afhankelijk te zijn van de God die nooit slaapt.

Het uniebestuur probeerde aanvankelijk het verzoek te negeren, en argumenteerde dat, omdat de Statuten geen tijdslimiet specificeerden, zij voor onbepaalde tijd kon weigeren de vergadering uit te schrijven. We voerden aan dat het model uniereglement in het kerkbeleid (WP) 90 dagen als redelijk specificeert. Nogthans slaagde het uniebestuur erin de vergadering pas na 237 dagen, op 5 juni 2016, te laten plaatsvinden.
De leiders van de ledenbeweging smeekten het uniebestuur en die van de TED en GC om onafhankelijke parlementaire begeleiding, omdat dezelfde mannen in die functie werden voorgesteld die een belangrijke rol hadden gespeeld tijdens de zitting van de 2012. Het verzoek werd niet gehoord; TED nam een afwachtende houding aan; GC heeft niet gereageerd.

Het ledenmanifestcongres
De leiders van de ledenbeweging presenteerden een doordachte, hoffelijke verklaring en hun eerste motie was dat de Nederlandse Unie in harmonie moet zijn met de aanvaarde besluiten over het kerkelijke beleid. De voormalige secretaris van de Unie probeerde de formulering te wijzigen in "zoveel mogelijk", maar die vijandige wijziging werd door de vergadering afgewezen. De parlementariërs konden het niet geloven. Ze telden de stembriefjes vier keer voordat ze toegaven dat de oorspronkelijke motie een meerderheid had behaald.

Daarna hebben de uniefunctionarissen de vergadering volledig gekaapt. Het was een schandalige vertoning. De het congres schreef ik een verslag over de 21 schendingen en stuurde die naar het uniebestuur, alle predikanten en de TED en de GC..

Blijkbaar concludeerden degenen op hogere niveaus dat de Nederlandse leden niet gemakkelijk te hanteren zijn wanneer oneerlijke mannen hun rechten schenden. De volgende twee congressen (2017 nieuw landelijk bestuur en 2018 nieuwe statuten en reglementen) werd Karnik Doukmetzian (de jurist van de GC) uitgezonden om de parlementaire orde voor een eerlijk congres te bewaken. Het bleek noodzakelijk, want hij moest herhaaldelijk ingrijpen om een behoorlijk proces veilig te stellen.

Groot is onze God en sterk om geprezen te worden! Maar God wil eerst actie. Hij wil Gideons, zwak van hart, maar handelend terwijl ze bidden, beven en huilen.

Duidelijkheid nu
Het huidige landelijk Bestuur werd aangesteld in 2017. Bid voor hen. De druk op hen is enorm.

De passage in de brief van 18 december:

"Tot slot is het onderwerp rondom het vraagstuk over de inzegening van vrouwen in de functie van predikant besproken. Het LB heeft het erg lastig met dit onderwerp en worstelt hier enorm mee. In 2017 heeft het voormalige Algemeen Kerkbestuur (tot mei 2017 de vorige benaming van het Landelijk Bestuur) in april besloten tot een tijdelijke stop op inzegeningsdiensten voor vrouwen in de functie van predikant. De huidige bestuurders, aangetreden juni 2017, hebben later dat jaar op verzoek van ons Europees hoofdkantoor (de Trans-Europese Divisie), omwille van dialoogvoering, dit eerder genomen besluit verlengd met twee jaar. Er is tijdens de vergadering van 8 december jl. geen besluit genomen over het houden van inzegeningsdiensten voor vrouwen in de functie van predikant. Een aantal aspecten rondom dit onderwep is wel duidelijker geworden.
Allereerst is er het gegeven dat het Lanelijk Bestuur volgens de beleidsbepalingen (‘policy’) van de kerkelijke organisatie formeel geen mandaat heeft om te beslissen over de inzegening van vrouwen in de functie van predikant.

Daarnaast is het gegeven, dat de afgevaardigden in vergadering bijeen in mei 2018 Statuten hebben aangenomen, waarin expliciet staat dat de Nederlandse Unie van Gemeenten Conferentie in harmonie met de beleidsbepalingen van de wereldorganisatie bestuurd zal worden, eveneens duidelijk geworden. Dit bewuste punt is namelijk op die bewuste vergadering van afgevaardigden uitvoerig besproken [Red. en opgenomen in de nieuwe Statuten].
Ook
[Red. ten derde] is het gegeven dat het LB, als ze dan al een besluit moet nemen, dit niet een besluit is over het wel of niet inzegenen van vrouwen tot predikant; de keuze aan het LB is of zij beslist tot het afwijken van de beleidsbepalingen van zowel onze wereldorganisatie, en de Statuten. U zult begrijpen dat een dergelijk besluit een onbetwistbaar argument vereist, en onbetwistbare argumenten verkennen, vereisen tijd. Het LB heeft derhalve uitgesproken om de komende periode de tijd te nemen voor verder verkennen van de aspecten rondom de inzegening van vrouwen tot predikant.
Tevens, [Red.ten vierde] wil de Nederlandse Unie de rol en positie van vrouwelijke predikanten, zoals dat binnen de wereldorganisatie van zevendedagsadventisten is vormgegeven, nader toelichten.
Concreet betekent dit dat het LB de beleidsbepalingen van de kerkelijke organisatie naleeft, tenzij er in de toekomst anders wordt besloten."

Mijn opmerkingen bij de passage
1. de basis voor niet-ordination inzegening is niet alleen te vinden in het wereldkerkbeleid (WP) en de Statuten van de Nederlandse kerk, maar ook in de beslissing van de meerderheid van de afgevaardigden op het ledenmanifestcongres in 2016, 'om in volledige harmonie met het beleid van de wereldkerk te blijven'. De motie werd op een vijandige manier aangevallen in een poging het te wijzigen in "zoveel mogelijk in harmonie...". Hoewel het uniebestuur na dat congres de overwinning kraaide en beweerde dat het bijzonder congres de besluiten van 2012 en 2013 had herbevestigd, was dat geluid uit-de-toon.

2. in de passage staat terecht dat als men zou besluiten weer vrouwen te ordineren, het LB ons rechtstreeks in conflict zou brengen met het wereldkerkbeleid, evenals de rechtsgrondslag van de Adventkerk in Nederland en het Burgerlijk Wetboek. Een dergelijke beslissing zou betekenen dat de Nederlandse kerk zich van de wereldkerk afscheidt. Een andere reden om goed na te denken voordat we zo'n stap zetten, is dat de grondlag van de kerk niet alleen theologisch is, maar dat er een juridisch element is. In Nederland zijn kerkelijke organisaties niet verplicht om statuten vast te stellen, maar de Nederlandse wet eist dat als ze dat wel doen, ze ernaar handelen.

3. de suggestie dat meer tijd nodig is voor toelichting en onbetwistbare argumenten is een lege belofte, omdat de Nederlandse Unie van Gemeenten niet gemachtigd is om een positief of negatief besluit te nemen over de uitkomst van een dergelijke eigen verkenning. Bovendien is in de afgelopen tien jaar op het hoogste niveau in onze wereldkerk een dergelijke verkenning uitgevoerd (TOSC), en de resultaten daarvan zijn duidelijk. Bovendien zijn er sinds 1973 23 tot 24 geldige besluiten op dat hoogste niveau genomen, die de inzegening van vrouwen tot het pastorale predikantschap, op basis van hoe de meerderheid van de kerk de Bijbel begrijpt, hebben afgewezen. Dit zijn geldige beslissingen van de wereldkerk en die moeten worden gerespecteerd.

4. elke uitspraak van "een Nederlandse verkenningsmissie" zou een onnodige verspilling van tijd en Gods heilig geld zijn en een afleiding van de reden van bestaan van de kerk in deze wereld - het op een onvervalste manier verkondigen van het Bijbelse evangelie, zodat mensen nog steeds kunnen worden gered voor het eeuwige Koninkrijk van God, waar geen onderscheid zal zijn tussen man en vrouw. Een eremedaille is daar waardeloos. Laten wij alles voor dat doel geven; en ervoor vechten, want de tijd is kort. We moeten ophouden de leden van de kerk op te jutten voor kerkelijke posities op aarde.

5. de Nederlandse Unie van gemeenten wordt niet bestuurd door "invloedrijke gepensioneerden", en de wereldkerk wordt bestuurd door consensus beslissingen van rechtmatig gekozen wereldafgevaardigden. Onze kerk is altijd zeer voorzichtig geweest om geen lokale dictators en secteleiders te stimuleren. De meerderheid heeft al 24 keer gesproken op het hoogste niveau, en in Nederland in 2016 en 2017 en 2018. Zelfs bij God is een geschil na drie keer beslecht (Lukas 4, Matteüs 4). Genoeg is genoeg. Tijd om deze waanzin te stoppen.

6. "Concreet betekent dit dat het LB de beleidsbepalingen van de kerkelijke organisatie naleeft, tenzij er in de toekomst anders wordt besloten." Dat is, tenzij anders beslist door rechtmatig benoemde afgevaardigden in een GC-sessie. Precies! Zo moet het zijn. Geen enkele predikant, of zichzelf respecterende kerkleider zou willen dat zijn/haar gezag ondermijnd zou worden op de manier waarop deze kwestie de afgelopen tien jaar zich voortsleept.

God heeft het laatste woord
Het huidige Landelijke Bestuur blijft tegenstand ontvangen; het wordt met pek en veren besmeurd door voormalige en huidige krachten die aandringen op de inzegening van vrouwen. Dit zijn degenen die achter de anonieme motie zaten in 2012. Dezen hebben toen openlijk verkeerde informatie verspreid, Ted Wilson "paus" genoemd in officiële kerkelijke publicaties, en hebben zelfs geprobeerd de Nederlandse kerk tot een zakelijke entitiet te maken teneinde de scheiding tussen kerk en staat in Nederland te omzeilen om hun "gelijkheid" te verkrijgen. Ze slaagden er niet in, want God heeft het laatste woord.

Vandaag kijk ik terug en zie ik waar God naast ons was. Ik was uitgeput toen God 800 broeders en zusters stuurde. Iedereen die durft een oneerlijk systeem aan de kaak te stellen, zal worden versmeurd en verpletterd. Maar we kunnen nu zien hoe God bij ons was bij elke stap die we namen. Het heeft ons veel gekost. We moesten onze voorhoofden als ijzer maken en onze oren en gevoelens afsluiten voor de verdachtmakingen tegen ons en onze gezinnen.

Als ik vandaag terugkijk en besef dat ik ondanks alles door mijn plaatselijke kerk werd afgevaardigd in 2007, 2012, 2014, twee keer in 2016, en gekozen in de CSR (onafhankelijke Commissie statuten en reglementen) in 2017 - ofschoon geen afgevaardigde, en in het reguliere congres van 2018, ben ik gewoon verbaasd. Menselijk gesproken, is dat onmogelijk. Maar dit is wat Gods kinderen zullen beseffen als we in de hemel terugkijken en begrijpen dat we nooit alleen wandelden.

God heeft zijn mannen en vrouwen op hun post, die niet zullen terugdeinzen. Ik buig voor God, dat ik een van hen ben geweest.

Het laatste wat ik wil is op voetstuk staan. Mijn enige reden is om de lezers te laten inzien dat het vechten voor gerechtigheid veel en bijna alles kost, maar dat God helpers stuurt wanneer je aan het einde van je Latijn bent.

Nu vraag ik slechts één ding van jullie, mijn dierbare broeders en zusters: Gedenk alstublieft het Landelijk Bestuur van de Nederlandse unie in uw gebeden? Het vrouweninzegeningsconflict heeft veel van onze energie geëist. Het kan velen het eeuwige leven kosten. Velen die zichzelf leiders noemen, hadden al lang geleden een ontslagbrief ‘met geronde reden’ moeten ontvangen. Soms vraag ik me af of die mannen en vrouwen hun sabbatschoollessen bestuderen? Het afgelopen kwartaal ging heel toepasselijk over leiderschap. Heer, heb medelijden met ons!

Ik weet heel goed dat we allemaal zondaars zijn, gered door genade en dat we slechts instrumenten in Zijn handen zijn.

Jesaja 62:6 -- Op uw muren, o Jeruzalem, heb Ik wachters aangesteld, die de ganse dag en de ganse nacht nimmer zullen zwijgen. Gij, die de Here indachtig maakt, gunt u geen rust.

Erken nu met geheel uw hart en ziel, dat niet een van alle goede beloften die de HERE, uw God, u gegeven heeft, onvervuld gebleven is. - Jozua 23:14


Copyright © Promise Ministry